Werken in de industrie blijft kansrijk beroep

01-03-2012 Drachten Verhoef & Co Mensen aan het werk in de fabriek ©Foto:Team Horsthuis/Jeroen Horsthuis

De oorlog in Oekraïne, conjunctuurgevoeligheid, de vergrijzing, mismatching, flexibilisering, het uitbesteden van taken, automatisering en digitalisering hebben allemaal een negatieve invloed op de werkgelegenheid in de industrie in de Achterhoek. Het gevolg is dat het aantal werknemersbanen in de sector in 2024 hier in de regio met 300 zal krimpen. De personeelstekorten verdwijnen echter niet. Werken in de industrie behoort nog altijd tot de kansrijke beroepen.

Drie sectoren namen in 2021 samen ruim 55 procent van de Achterhoekse werkgelegenheid voor hun rekening. Het betreft de sectoren Handel (25.000 werkzame personen, aandeel van 19,3 procent), Gezondheids- en welzijnszorg (24.000, 18,4 procent) en Industrie (23.500, 18,1 procent). De arbeidsmarkt in de Achterhoek is echter in een lagere versnelling terechtgekomen. In 2023 groeide het aantal banen nog door, maar in 2024 blijft het aantal banen met een lichte krimp van 0,1% nagenoeg gelijk. De aanhoudende personeelstekorten belemmeren de groei van bedrijven. Door vergrijzing en de mismatch tussen werkgevers en werkzoekenden blijft de krapte op de arbeidsmarkt echter voorlopig nog bestaan.

Banenkrimp in industrie

In een aantal deelsectoren neemt het groeitempo van het aantal banen in 2024 dus af en in bijna de helft van de sectoren wordt een krimp verwacht. Dat laatste geldt in de Achterhoek voor de financiële dienstverlening en de industrie. Vooral de banenkrimp in de industrie heeft een negatieve invloed op de werkgelegenheid in de Achterhoek. In 2024 neemt het aantal werknemersbanen in deze sector af met 300.

Internationale ketens

De industrie is conjunctuurgevoelig en afhankelijk van internationale ontwikkelingen, zoals de oorlog in Oekraïne. De oorlog verstoort internationale ketens van productie en transport en zorgt voor hoge energieprijzen en grondstoftekorten. Vooral bij energie-intensieve bedrijven wordt een daling van de productie verwacht door enerzijds hogere energie- en grondstofprijzen en anderzijds afnemende vraag.

Dalende werkgelegenheid

Het Achterhoekse bedrijfsleven, en met name de industrie, heeft in de jaren voor de COVID19-crisis flink in machines en digitalisering geïnvesteerd. Voortschrijdende automatisering en digitalisering zorgen ervoor dat minder werknemers nodig zijn voor de productie. Ook flexibilisering en uitbesteding van taken hebben invloed op de dalende werkgelegenheid in de industrie. Dit zorgt ervoor dat veel werkzaamheden in de industrie worden uitgevoerd door uitzendkrachten en specialistische zakelijke diensten.

Vergrijzing

De gevolgen voor de arbeidsmarkt ontstaan daarnaast ook door veranderingen in omvang en samenstelling van de bevolking in Achterhoek. Zo’n 72.200 inwoners van 50 tot 65 jaar schuiven de komende jaren door naar de groep 65-plus. Wanneer ze de pensioengerechtigde leeftijd bereiken, verlaten ze (meestal) de arbeidsmarkt. Deze groep is groter dan jongere leeftijdsgroepen die hen zou moeten vervangen. Door deze vergrijzing houdt de krapte in Achterhoek voorlopig dan ook aan. Vooral in de industrie werken nu al relatief veel 60-plussers.

De afkoelende economie met bijbehorende afvlakking van de banengroei en afname van het aantal vacatures betekent daardoor niet dat de personeelstekorten verdwijnen. Conjuncturele ontwikkelingen lijken maar beperkt invloed te hebben op de personeelstekorten. De krapte wordt weliswaar iets minder, maar blijft aanwezig in beroepsgroepen als techniek, industrie, bouw, zorg en ICT.

UWV publiceert regelmatig overzichten met kansrijke beroepen. Vanwege de extreme krapte bevatte het meest recente overzicht meer kansrijke beroepen dan ooit. Een aantal van deze beroepen geldt al langer als kansrijk voor werkzoekenden (en daarmee krap voor werkgevers). In totaal gaat het in de Achterhoek om 75 structureel kansrijke beroepen. Meer dan de helft van deze beroepen valt in het segment bouw, industrie en techniek.

Stuwende kracht

De industrie is met een aandeel van bijna 20 procent in de totale werkgelegenheid nog altijd een belangrijke stuwende kracht van de Achterhoekse economie. Tegelijkertijd is er structureel iets aan het veranderen. De industriële werkgelegenheid neemt geleidelijk af, terwijl het aantal banen in dienstverlenende sectoren toeneemt. Bijna tweederde van de Achterhoekse economie bestaat uit familiebedrijven. Dit type ondernemingen vormt de ruggengraat van de regionale economie. Het aandeel familiebedrijven in de Achterhoek ligt aanzienlijk hoger dan het landelijk gemiddelde. Veelal zijn het lokaal-gewortelde mkb-bedrijven die zorgen voor stabiliteit en continuïteit. De bedrijven hebben doorgaans een bovengemiddelde financiële buffer, een sterke band met de werknemers, de regio én een focus op de lange termijn.

Er zal dus een verschuiving ontstaan van landbouw- en industrie-gerelateerde werkgelegenheid naar meer personen werkzaam in de (met name zakelijke) dienstensector. Deze verschuiving is in het hele land te zien, maar lijkt zich sterker te voltrekken in de Achterhoek.

___________________________________________________________________

MIJN Special

In MIJN Magazine belichten we maandelijks één specifiek thema en deze vormt dan een special binnen de overige redactiepagina’s. Dit keer was dat Buiten leven. Meer MIJN Specials zien? Klik dan op deze link. https://www.helemaalachterhoek.nl/category/mijnmagazine/mijn-special/

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *